16 juli 2015

De aanloop naar de Tanzaniaanse verkiezingen: politici met albinisme aan het woord

PvdA Buitenlandreporter Merel Diemont schrijft over het geweld tegen mensen met albinisme in Tanzania en de aanloop naar de verkiezingen. Ook sprak ze met twee politici die zelf lijden aan albinisme.

Ondanks dat er veel over geschreven en gesproken wordt, gaat het geweld tegen mensen met albinisme in Tanzania onverminderd door.[1] Met het oog op de nationale parlementsverkiezingen in oktober dit jaar, heeft de Tanzaniaanse regering er belang bij het geweld te stoppen. Maar in de aanloop naar de verkiezingen lijkt het geweld juist toe te nemen. De lichaamsdelen van mensen met albinisme zouden politici namelijk geluk brengen en hun kans vergroten om gekozen of herkozen te worden. Dit bijgeloof leidt tot gruwelijke taferelen die meer doen denken aan middeleeuwse praktijken dan aan een democratisch land met een bloeiende toeristensector. Lokale en internationale media spelen inmiddels ook een belangrijke rol, wat ertoe leidt dat in de aanloop naar de verkiezingen de berichten over moord op en verminking van mensen met albinisme steeds frequenter in het nieuws komen.

Twee belangrijke hoofdrolspelers in de strijd om het geweld te stoppen zijn de parlementsleden Salum Khalfani Bar’wanii en Al-Shymaa Kway-Geer. In 2008 werd Al-Shymaa Kway-Geer door de Tanzaniaanse president Jakaya Kikwete aangewezen om als eerste ‘albino’ ooit, zitting te nemen in het parlement.[2] Twee jaar later bewees Salum Khalfani Bar’ wanii dat het ook mogelijk is om als politicus met albinisme door de bevolking gekozen te worden. In 2010 werd hij het eerste gekozen parlementslid met albinisme in de Tanzaniaanse geschiedenis. Sindsdien doen beide politici er alles aan om het geweld te stoppen en de leefomstandigheden voor mensen met albinisme in Tanzania te verbeteren. In de aanloop naar de verkiezingen is met hen gesproken over het geweld tegen mensen met albinisme, de verkiezingen en de rol van de regering.[3]

In hoeverre is er een relatie tussen de aankomende verkiezingen en het toenemende geweld?

Al-Shymaa Kway-Geer: “De moorden op albino’s worden zeker in verband gebracht met de verkiezingen, omdat het geweld toeneemt tijdens verkiezingstijd. Er wordt gezegd dat politici geloven dat de lichaamsdelen van mensen met albinisme hen helpen om de verkiezingen te winnen.”

Waarom komt geweld tegen mensen met albinisme juist in Tanzania zoveel voor?

Salum Khalfani Bar’wanii: “Hoewel ook in andere delen van Afrika mensen met albinisme worden gedood vanwege hun ledematen, liggen de aantallen in Tanzania beduidend hoger. Dit komt waarschijnlijk doordat het gat tussen arm en rijk in Tanzania in korte tijd enorm gegroeid is. Een kleine groep mensen is in korte tijd heel rijk geworden en heeft veel macht gekregen. Dat leidt bij andere mensen tot het geloof dat dit niet vanzelf gegaan kan zijn; zij moeten hun geluk en geld ergens vandaan hebben gekregen.”

Al-Shymaa Kway-Geer: “Daarnaast zijn sommige mensen in Tanzania bereid om alles te doen om aan geld te komen, ook als dat betekent dat zij mensen met albinisme moeten doden of hun lichaamsdelen moeten afhakken. Maar ook neemt in sommige delen van Tanzania het geloof in God af. Daardoor vrezen mensen de straf van god niet meer en zijn zij eerder bereid om misdaden te begaan.”

Doet de huidige regering genoeg om het geweld te stoppen?

Salum Khalfani Bar’wanii: “Vergeleken met het optreden van de regering ten opzichte van andere misdaden (zoals de illegale jacht op olifanten) doet de regering niet genoeg om mensen met albinisme te beschermen. Er zijn bijvoorbeeld de afgelopen jaren veel verdachten opgepakt, maar er is nog nooit iemand veroordeeld. De regering neemt harde maatregelen om de drugshandel tegen te gaan, maar deze maatregelen worden niet genomen om mensen met albinisme te beschermen. Daarom heerst het sterke vermoeden dat mensen binnen of nauw verwant met de regering, betrokken zijn bij het geweld.”

Wat verwacht u van de aankomende verkiezingen wat betreft de situatie voor mensen met albinisme?

Al-Shymaa Kway-Geer: “Veel mensen met albinisme leven in afgelegen delen van Tanzania. Zij weten weinig van politiek en de verkiezingen, dus de kans dat zij stemmen op politici die hun situatie willen verbeteren is klein. Het is moeilijk voor hen om voor zichzelf op te komen.”

Salum Khalfani Bar’wanii: “In de aanloop naar de verkiezingen neemt het geweld exponentieel toe, maar gedurende en na de verkiezingen zal het geweld afnemen. Het hele proces van het doden en verminken van mensen met albinisme heeft een bepaald tijdspad.”

Wat kunnen Nederlandse politieke partijen zoals de Partij van de Arbeid doen om de situatie voor mensen met albinisme te verbeteren?

Al-Shymaa Kway-Geer: “Aan de ene kant kunnen Nederlandse politici het probleem onder de aandacht brengen bij nationale en internationale media om op die manier druk uit te oefenen op de Tanzaniaanse regering. Aan de andere kant is er enorm veel behoefte aan praktische zaken zoals zonnebrand en hoeden, omdat de felle Tanzaniaanse zon gevaarlijk en schadelijk is voor mensen met albinisme. De meeste worden in Tanzania niet ouder dan dertig jaar, omdat ze jong sterven aan huidkanker.”

Salum Khalfani Bar’wanii: “Er is veel behoefte aan steun voor organisaties die onderwijs en voorlichting geven over albinisme, om op die manier de bevolking in de rurale gebieden van Tanzania bewust te maken van albinisme. Deze bewustwording is cruciaal voor een duurzame oplossing van het probleem. Als Nederlandse politici hier op een of andere manier bij zouden kunnen helpen zou dat een enorme verbetering betekenen.”

Door Merel Diemont, PvdA Buitenlandreporter

[1] Mensen met albinisme worden ook wel “albino’s” genoemd. Dit wordt door henzelf echter als een scheldnaam ervaren. Daarom wordt in dit artikel vooral gesproken van mensen met albinisme.

[2] In Tanzania heeft het parlement vijf verschillende categorieën parlementsleden. Eén categorie bestaat uit parlementsleden die door de president zijn aangewezen. Van de 357 parlementsleden, kunnen er maximaal 10 door de president worden aangewezen.

[3] Deze interviews zijn voorbereid en verwerkt door Merel Diemont en afgenomen door Yusuph Mbangile op 2 juli 2015 in Dar es Salaam. Yusuph Mbangile is politiek wetenschapper en werkt voor CARE International.